Opzet en invulling vertrouwensfunctie BUN voldoen niet aan gedragscode

Rob Hogendoorn
Written by Rob Hogendoorn

14 minuten

Zowel de opzet als de invulling die de Boeddhistische Unie Nederland (BUN) aan de functie van externe vertrouwenspersoon geeft, voldoen niet aan de eisen van de Landelijke Vereniging voor Vertrouwenspersonen (LVVV). Dit komt naar voren uit de ervaringen van een melder, het jaarverslag van de externe vertrouwenspersoon en de gedragscode van de LVVV. Certificering door deze beroepsvereniging is door de BUN verplicht gesteld. De huidige vertrouwenspersoon biedt in strijd met de LVVV-gedragscode echter bemiddeling aan tussen melders en plegers van seksueel grensoverschrijdend gedrag. Verder heeft de vertrouwenspersoon financieel belang bij de persoonlijke begeleiding van melders in een vervolgtraject. Bovendien schond de BUN-vertrouwenspersoon de geheimhouding over een melding van kindermisbruik.

Oane Bijlsma

De Nederlandse overheid heeft de Boeddhistische Unie Nederland (BUN) aangewezen als formeel contactorgaan voor de gehele boeddhistische gemeenschap. In reactie op het ontstaat van het onafhankelijke Meldpunt seksueel misbruik boeddhistische gemeenschap (Meldpunt BG) stelde de BUN per 1 januari 2017 een eigen externe vertrouwenspersoon aan: Chiene Hulst (1964). Volgens haar Jaarverslag 2017 is Hulst ‘partner in het netwerk Externevertrouwenspersonen.nl en sinds 2008 als externe vertrouwenspersoon werkzaam voor diverse organisaties. Zij is zelfstandig gevestigd bedrijfsmaatschappelijk werker en werkt daarnaast als coach en trainer. Hulst is als vertrouwenspersoon gecertificeerd door de Landelijke Vereniging voor Vertrouwenspersonen (LVVV).’ Hoewel zij niet over een relevante opleiding of werkervaring beschikt en volgens eigen zeggen weinig van boeddhisme weet, richt Hulst zich sindsdien specifiek op ‘seksueel grensoverschrijdend gedrag’ en ‘ongewenste omgangsvormen’ door boeddhisten. Volgens het jaarverslag ontving Hulst in 2017 vijf meldingen over seksueel grensoverschrijdend gedrag: vier meldingen over binnen de BUN actieve boeddhistische leraren, een over een leraar buiten de BUN. ‘In één geval betrof de melding incidenten toen het slachtoffer nog minderjarig was’, aldus het jaarverslag. Hulst ontving daarnaast twee meldingen over ‘ongewenste omgangsvormen (intimidatie/macht)’.

De huidige externe vertrouwenspersoon van de BUN, Chiene Hulst (1964), is door de LVVV gecertificeerd. In gesprek met een melder, Oane Bijlsma, uitte Hulst zware kritiek aan het adres van de BUN. Uit frustratie over de tegenwerking vanuit het BUN-bestuur besprak Hulst met haar ook een melding over het seksueel misbruik van een klein kind. Deze minderjarige is volgens Hulst seksueel misbruikt door een in Nederland actieve Tibetaanse leraar, tegen wie aangifte is gedaan bij de zedenrecherche.

Hulst deelde dit relaas terwijl ze bij Bijlsma haar beklag deed over de ‘oude-jongens-krentenbrood’ sfeer rondom het BUN-bestuur. Ze bezocht haar vanwege Bijlsma’s melding over seksueel grensoverschrijdend gedrag en ongewenste omgangsvormen binnen de organisatie Rigpa van de Tibetaan Sogyal Lakar (ook wel: Sogyal Rinpoche). De voorzitter van de BUN, Michael Ritman (1961), is Sogyal-volgeling en Rigpa is lid. In gesprek met Bijlsma maakte Hulst omstandig duidelijk hoe Ritmans bestuur haar functioneren belemmert. Dit zat haar zo hoog, dat ze feitelijk voorbij ging aan Bijlsma’s eigen ervaringen binnen Rigpa.

Behalve de schending van haar geheimhoudingsplicht, staat ook ander optreden van Hulst op gespannen voet met de gedragscode van beroepsorganisatie LVVV. Dit klemt temeer nu in de uitzending #MeToo Goeroe van het onderzoeksjournalistieke programma Reporter (NPO Radio 1, 17 juni 2018) nieuw misbruik bij BUN-lid Rigdzin Community is onthuld en het onafhankelijke Meldpunt seksueel misbruik boeddhistische gemeenschap (Meldpunt BG) begin dit jaar is opgeheven. De BUN presenteert de eigen externe vertrouwenspersoon tegenover slachtoffers van seksueel misbruik door boeddhistische plegers nu nadrukkelijk als alternatief. Precies dit baart de oprichter van Meldpunt BG, Toine van Beek van de Buddharama tempel in Waalwijk, ernstig zorgen.

Formele melding

Over haar eigen melding bij Hulst zegt Oane Bijlsma: ‘In juni 2017 werkte ik mee aan een uitzending van Brandpunt over Sogyal Lakar. Ik vertelde daarin over mijn eigen ervaringen binnen Rigpa, en deelde mijn kennis over het ernstige en veelvuldige (seksueel) misbruik en de mishandelingen waaraan deze Tibetaan schuldig is. Ook wees ik op andere misstanden binnen Rigpa. Daarna besloot ik hierover ook formeel melding te doen. Dat deed ik onder andere bij de externe vertrouwenspersoon van de BUN. Omdat ik die ‘vriendschapsvereniging’ en de functieomschrijving van de net benoemde vertrouwenspersoon Chiene Hulst wel kende, had ik weinig vertrouwen dat een gesprek iets concreets zou opleveren.

Hoewel ik wel degelijk met mijn persoonlijke ervaringen met Sogyal en Rigpa worstelde, ging het me vooral om het principe. Doet niemand ooit een melding, dan kan Michael Ritman, senior-lid van Rigpa en ook de komende jaren BUN-voorzitter, zomaar de conclusie blijven uitdragen die die de BUN zich veroorloofde in reactie op vragen over Rigpa (14 augustus 2017): ‘Het BUN bestuur is na de brandbrief in gesprek getreden met het Rigpa bestuur en heeft vertrouwen in de stappen die in Nederland worden gezet. De bijgaande brief van Rigpa ondersteunt ons vertrouwen in Rigpa als organisatie. Verder hebben wij geen enkele aanleiding te veronderstellen dat andere leden van Rigpa anders dan Sogyal Rinpoche zijn aangesproken op laakbaar handelen. Ook hebben er voor zover op dit moment bekend geen misstanden binnen Rigpa Nederland plaatsgevonden.’ Bijlsma blikt daarop verontwaardigd terug:

Alsof deugdelijk onderzoek al had plaatsgevonden. Alsof Sogyal zich in Nederland wél zou hebben gedragen. Alsof Nederlandse sangha-leden zoals ikzelf buiten Nederland vogelvrij zijn. Alsof notabelen zoals Michael Ritman en het Rigpa-management volkomen onwetend, onschuldig en niet-medeplichtig zijn—al was het maar door nalatigheid en leugens.

‘Vriendschapsvereniging’

Michael Ritman (1961) is sinds 2014 voorzitter van de Boeddhistische Unie Nederland (BUN). Hij is een volgeling van de Tibetaanse leraar Sogyal Lakar en een senior-lid van diens organisatie Rigpa, lid van de BUN. Reinier Tilanus (1963) is sinds 2012 bestuurslid van de BUN. Hij is volgeling van de Tibetaanse leraar Dagpo Rinpoche, de geestelijk leider van de organisatie Kadam Chöling, eveneens lid van de BUN. Tilanus is tevens bestuurslid van de Stichting Bezoek Zijne Heiligheid de Dalai Lama, die onder meer het aanstaande bezoek van de dalai lama aan Nederland (14-17 september 2018) organiseert. Rigpa-voorzitster en -woordvoerster Patricia Strooper maakte tot 25 juli 2017 deel uit van dat bestuur.

Toen BUN-bestuurslid Reinier Tilanus de BUN-reactie op Sogyals misdragingen in een interview woordelijk herhaalde en daaraan nog een paar vrijblijvende intenties toevoegde, besloot Bijlsma rechtstreeks contact met het bestuur zelf op te nemen: ‘Het leek me dat ik beter niet met Michael Ritman zou spreken, want tegen hem zou ik niet netjes kunnen blijven. En dus belde ik enkele dagen later met Tilanus. In dat korte, zakelijke gesprek heb ik hem nog maar eens uitgelegd om wat voor soort misbruik het nu eigenlijk gaat en hoe ernstig de situatie binnen Rigpa is. Ik zei dat het BUN-bestuur de positie die ze als aanspreekpunt van de overheid heeft, te schande maakt door aan de informatie over Rigpa geen enkele consequentie te verbinden: noch over hun eigen taakopvatting, noch over de bestuurssamenstelling.’

Bijlsma vervolgt: ‘Reinier Tilanus luisterde en even leek het erop dat nog niet tot hem was doorgedrongen hoe smerig en ziek sommige feiten zijn. Maar ook hij kwam met de bekende tegenwerpingen dat het niet om een situatie in Nederland zou gaan, dat het vooralsnog ‘hearsay’ was, en dat—terwijl ik alleen nog maar hoofdschuddend aan de telefoon kon zitten—dat de BUN toch echt in de eerste plaats ‘een vriendschapsvereniging’ is die hiervoor geen verantwoordelijkheid kan dragen. Extra schrijnend vind ik dat mannen zoals Tilanus en Ritman zich niet alleen ‘boeddhist’ noemen maar in het dagelijks leven ook nog eens sociale beroepen uitoefenen zoals ‘coach’ en ‘mediator’. Ik denk niet dat ze zelf ooit een misbruikslachtoffer hebben gesproken.’

‘Oude-jongens-krentenbrood-club’

Bijlsma vervolgt: ‘Toen Hulst mij eenmaal thuis bezocht om bij een kop thee over mijn melding te praten, wist ik van tevoren dat het een vreemd en machteloos gesprek kon worden. Maar op het moment zelf ging het nauwelijks over mij of over wat ik zelf heb meegemaakt. Wat ik over het misbruik weet en de moeite die ik daarmee zelf nog steeds heb: het kwam amper aan bod. Hulst ging heel snel over op haar eigen frustraties: Hoe ze klem zit in haar functie. Hoe ze als vrouw bij het oude-jongens-krentenbrood-clubje geen poot aan de grond krijgt. Hoe haar positie niet serieus wordt genomen. Hoe de dreiging die uitgaat van meldingen wordt geneutraliseerd door hervormingen af te houden. Kortom: het ging erover hoe Hulst zich als een tijger zonder tanden voelde in een netwerk dat effectief de gelederen sluit zodra de ‘gewone wereld’ op de deur klopt.’

De partner van Chiene Hulst zocht in de zomer van 2017 contact met Rob Hogendoorn, de auteur van dit artikel, vanwege hun frustratie over Hulsts functioneren binnen de BUN—op voorwaarde van strikte vertrouwelijkheid over en weer. Meteen nadat hem duidelijk werd dat Hulst die vertrouwelijkheid geschonden had door hierover met Oane Bijlsma te spreken, verbrak Hogendoorn het contact met Hulsts partner.

Hulst is tegenover Bijlsma buitengewoon open en vertelt haar van alles om haar verhaal te illustreren. Ze vertelt bijvoorbeeld dat haar partner in contact staat met Rob Hogendoorn, die als journalist en wetenschapper veel onderzoek doet naar seksueel misbruik door boeddhistische plegers. Dat Hulst hiermee de vertrouwelijkheid van dit contact schendt, weet Bijlsma dan nog niet.

Kind misbruikt

Hoe ongepast het is dat Hulst met een melder als gelijke zit te ‘kletsen’ dringt ook pas later tot Bijlsma door: ‘Wel schrok ik van het feit dat ze me ineens vertelde over een misbruikmelding waarmee ze mee bezig was. Het zou gaan om een jong kind. Ze noemde de exacte leeftijd, maar die weet ik niet meer precies: acht of negen, denk ik. Het kind was seksueel misbruikt door een Tibetaanse leraar. De moeder is uiteindelijk bij Hulst terechtgekomen, die haar begeleidde tijdens een aangifte bij de politie. Ze waren al op het bureau geweest.’

Aanvankelijk, vertelde Hulst, zocht de moeder binnen de Tibetaans boeddhistische gemeenschap zelf naar hulp. Een Tibetaanse arts adviseerde haar toen de zaak te laten rusten. Bijlsma vraagt Hulst of ze een westerse of Tibetaanse arts in de Tibetaanse geneeskunde bedoelt: ‘“Een westerse, een Nederlandse” zei ze. Waarop ze haar afschuw uitsprak over de houding die deze arts aannam en hoe precies dit een voorbeeld is van het sektarische gedrag en de doofpotcultuur waarover we het over hadden.

Ik was het hartgrondig eens met haar intense verontwaardiging, maar toen Hulst na krap anderhalf uur weer als een wervelstorm vertrok, stond ik vooral perplex. Had ze nu zojuist een geval van kindermisbruik met mij besproken? Ja dus. Als vertrouwenspersoon! En al kwam in ons gesprek mijn hulpvraag amper ter sprake, zodat het allemaal misschien wat vrijblijvend leek, volgens mij is hier iets heel erg fout gegaan. Ik weet zomaar ineens iets dat ik heel erg naar vind. Ook kan ik niet nalaten me af te vragen: “Wie dan?” En: “Hoe gaat dit verder?” Ik weet, besef ik, iets waarover ik formeel gezien mogelijk een melding zou moeten doen bij de zedenrecherche.’

‘Zonder macht of medestanders’

In de nasleep van de Brandpunt-uitzending, een groot artikel over Sogyal Lakar in de Telegraaf (22 juli 2017) en de inmiddels bekende ‘brief van de acht‘ namen veel mensen contact met Oane Bijlsma op om hun ervaringen met haar te delen: ‘Die vaak schrijnende verhalen heb ik op mijn beurt niet met derden gedeeld, tenzij ik daarvoor toestemming had. Niet omdat ik een officiële vertrouwenspersoon ben, maar vanwege de gevoeligheid van de materie en de extreme kwetsbaarheid van mensen in zulke situaties’:

Mijn woord daarin neem ik zeer serieus. Ik voel me echter vrij te delen wat besproken is tussen mij en de externe vertrouwenspersoon van de BUN. Ik vind dat de rechten van de beoefenaars van het boeddhisme in Nederland—en, niet in de laatste plaats, die van hun kinderen—nu echte bescherming moeten krijgen.

Voor Bijlsma staat inmiddels vast dat de BUN het door de Nederlandse overheid in haar gestelde vertrouwen niet verdient: ‘Hoewel ik de wijze waarop Chiene Hulst zulke gevoelige informatie met mij deelde een ongelooflijke, onvergeeflijke faux-pas vind, ligt wat mij betreft de schuld hiervoor grotendeels bij de BUN-coterie rondom Ritman en Tilanus: hun egocentrisme en onbetrouwbaarheid, en het opportunistische, manipulatieve opvoeren van de idee “maar een vriendschapsvereniging” te zijn, zorgen ervoor dat het “externe” in de titel “externe vertrouwenspersoon” voor iemand als Chiene Hulst vooral betekent dat ze “zonder macht of medestanders” is:

Ik twijfel namelijk geen moment aan haar oprechtheid en goede bedoelingen—wél aan haar vermogen de rol van externe vertrouwenspersoon op de juiste wijze in te vullen. Het is de hoogste tijd dat de hegemonie van de BUN wordt doorbroken en dat deze organisatie gaat functioneren naar de maatstaven die ook elders in de samenleving gelden.

Bijlsma: ‘En ondertussen hoop ik dan maar dat die aangifte tegen die Tibetaan zin heeft gehad.’

Ontluisterend beeld

Zodra Hulsts taakopvatting als vertrouwenspersoon wordt afgemeten aan de eisen van haar eigen beroepsvereniging, leveren de ervaringen van Oane Bijlsma en het Jaarverslag 2017 een ontluisterend beeld op.

Hulst besprak immers een melding over het seksueel misbruik van het minderjarige kind op eigen initiatief met een andere melder. Een andere melder belasten met medewetenschap over seksueel misbruik van een minderjarige is niet vrijblijvend, ook niet in strafrechtelijke zin. Zulke ‘openheid’ is lijnrecht in strijd met zowel de door Hulst zelf in het jaarverslag omschreven taken als de gedragscode van beroepsvereniging LVVV die haar certificeert: ‘De vertrouwenspersoon heeft een geheimhoudingsplicht, die ook voortduurt na beëindiging van de begeleiding van de medewerker, ten aanzien van wat hij in zijn hoedanigheid als vertrouwenspersoon verneemt, tenzij wettelijke regelingen anders bepalen of sprake is van een conflict van plichten waardoor hij in gewetensnood komt.’

Hulst vertelde Bijlsma bovendien dat zij melders van seksueel grensoverschrijdend gedrag gesprekken tijdens een door haarzelf verzorgd coachingstraject aanbiedt. Zij is verbonden aan drie commerciële instellingen die zulke trajecten kunnen verzorgen: Externe vertrouwenspersonen, Annonu Coaching en Innermatch. Ook zulke persoonlijke begeleiding staat op gespannen voet met de gedragscode: ‘De vertrouwenspersoon stelt zich onafhankelijk op. De vertrouwenspersoon dient zich uitsluitend te laten leiden door de belangen van de medewerker en nimmer door eigen belang, dan wel eventuele belangen van de organisatie.’

De in het jaarverslag beschreven taakomschrijving toont verder aan dat Hulst in voorkomend geval zelf bemiddelt: ‘De vertrouwenspersoon gaat na of door bemiddeling een oplossing kan worden bereikt (…) De vertrouwenspersoon bemiddelt niet formeel tussen de partijen (melder en aangewezen veroorzaker), maar kan desgevraagd de melder begeleiden in een gesprek met de (aangewezen) veroorzaker, gericht op dialoog en zo mogelijk oplossing van de situatie.’ Vanzelfsprekend schept bemiddeling inzake seksueel grensoverschrijdend gedrag, bijvoorbeeld tegenover kinderen, risico’s op een vorm van eigenrichting die strijdig is met het strafrecht. Over bemiddeling is de LVVV-gedragscode kort: ‘De vertrouwenspersoon treedt niet op als bemiddelaar.’

Actueel onderwerp

Volgens de ledenlijst telt de BUN momenteel 45 leden, waarvan 20 leden geestelijk leiders hebben of hadden die beschuldigd worden van seksueel misbruik. Dat is ruim 44 procent. Deze leden zijn, in volgorde van de ledenlijst: Boeddhistisch Centrum Amsterdam (Triratna), Boeddhistisch Centrum Arnhem Triratna, Boeddhistisch Centrum Haaglanden (Sangharakshita); Dhammadipa (Mettavihari, † 2008); Diamantweg Boeddhisme van de Karma Kagyu Linie (Lama Ole Nydahl); International Zen Centrum Noorder Poort (Joshu Sasaki Roshi); Kanzeon Zen Centrum Rotterdam (Dennis Merzel, Nico Tydeman); Longquan Tempel (Meester Xuecheng); Retraitecentrum Metta Vihara (Sangharakshita); Rigdzin Community (Namkha Rinpoche); Rigpa (Sogyal Lakar); Sangha Metta (Mettavihari); Shambhala (Chögyam Trungpa, † 1987; Ösel Tendzin, † 1990, Sakyong Mipham Rinpoche); Stichting Inzichtsmeditatie (SIM) (Mettavihari); Vipassana Haarlem, Vipassana Meditatie Groningen (Mettavihari); Zen Centrum Amsterdam (Dennis Merzel, Nico Tydeman); Zen Centrum Nijmegen, Kwan Yin Sangha (Nico Tydeman); Zen River, Zen Spirit (Dennis Merzel).

Hoe actueel het onderwerp misbruik binnen de Nederlands boeddhistische gemeenschap nog altijd is, onderstreept de uitzending van Reporter Radio 1 (KRO-NCRV, 17 juni 2018) over  beschuldigingen van seksueel misbruik en geweld aan het adres van de Tibetaanse leraar Namkha Rinpoche. Ook diens organisatie Rigdzin Community is BUN-lid. Nadat eerder een Zwitsers slachtoffer in De Volkskrant haar verhaal deed, spraken Reporter-verslaggevers Jolien de Vries en Wil van der Schans met een Nederlands slachtoffer over misbruik en mishandelingen door Namkha Rinpoche. Geconfronteerd met de beschuldigingen aan het adres van deze Tibetaanse leraar verklaarde Michael Ritman tegenover Reporter alleen dat BUN-lid Rigdzin wel iets voor een ‘gedragscode’ voelt: ‘De voorzitter van Rigdzin heeft gezegd dat ze dat graag willen oppakken. Ze begrijpen dat het hoort bij een professionaliseringsslag.’

‘Nederland is ook maar een klein land’

Op dit moment heeft of had ruim 44 procent van de BUN-leden een geestelijk leider die in opspraak kwam wegens beschuldigingen van seksueel misbruik. Toch doet Ritman het voorkomen alsof het seksueel misbruik door boeddhistische plegers ‘incidenten’ betreft.  Zo zei hij in 2015 in Dagblad Trouw (26 mei 2015) nog geen verdere meldingen over misbruik te verwachten: ‘Er is geen aanleiding om dat te denken. Nederland is ook maar een klein land. Ons heeft sinds 2008 in elk geval geen vraag om hulp meer bereikt.’

Ruim een jaar schreef Trouw-verslaggever Koert van der Velde in ‘Meesters van de zwijgzaamheid’ (5 december 2016) over Ritman: ‘Veel Nederlandse boeddhistische organisaties hebben inmiddels ethische codes op hun websites gezet. Het Meldpunt Kinderporno heeft zelfs een onafhankelijk meldpunt boeddhisme ingesteld en de Boeddhistische Unie Nederland, de Bun, heeft daar duizend euro aan bijgedragen. Bun-voorzitter en Rigpa-lid Michael Ritman denkt dat de gedane inspanningen genoeg zijn. Hij spreekt van incidenten. “Er spelen nu geen zaken meer.” De demonstratie tegen de komst van Sogyal Rinpoche laat in elk geval zien dat de slachtoffers van misbruik hun stem durven laten horen.’

‘Meldpunt opgeheven, meldingen gaan door’

Kennelijk zag Ritman de storm aan publiciteit in binnen- en buitenland over zijn eigen leraar Sogyal en vele andere boeddhistische leraren niet aankomen. Nog steeds ziet hij misbruik door boeddhisten niet als een structureel probleem. Reporter-verslaggever Jolien de Vries schreef (15 juni 2018): ‘Een grootschalig onderzoek naar misbruik vanuit de BUN staat nog niet op de planning, laat Ritman weten. “Eén van de redenen dat wij het meldpunt gesteund hebben, is om inzicht te krijgen hoe structureel dit probleem is en om daarna verdere stappen zetten. Cijfermatig is daar op dit moment nog geen sprake van.”‘

Navraag door Reporter en NOS-onderzoeksredacteur Bas de Vries (‘Meldpunt misbruik boeddhisme opgeheven, maar meldingen gaan door’, 15 juni 2018) leerde dat het onafhankelijke Meldpunt BG begin dit jaar is opgeheven. Directeur Arda Gerkens liet de NOS weliswaar weten dat zij onderzoekt ‘of het meldpunt bij een andere organisatie kan worden voortgezet’, maar het internet-loket waar slachtoffers terecht konden, blijft intussen wel gesloten.

Nadat hij door Reporter over de sluiting van MeldpuntBG was geïnformeerd, liet BUN-voorzitter Ritman er geen gras over groeien. Hij schreef de leden meteen een e-mail (15 juni 2018): ‘De BUN vindt dat het niet zo mag zijn dat slachtoffers van ongewenste omgangsvormen in het algemeen en seksueel misbruik in het bijzonder in de kou blijven staan. Vanaf 1 januari heeft de BUN daarom een externe vertrouwenspersoon aangesteld. (…) Hierbij willen wij onze leden vragen zelf actie te nemen om verwijzingen op de eigen website naar het Meldpunt BG te verwijderen, en, voor zover dat nog niet gebeurd is, wel (mede) te verwijzen naar de externe vertrouwenspersoon van de BUN’.

Ontstaan Meldpunt BG

Ritman laat zich in de media regelmatig voorstaan op de steun die de BUN zou hebben gegeven aan de totstandkoming van Meldpunt BG. De werkelijke oprichter, toenmalig voorzitter Toine van Beek van de Buddharama tempel in Waalwijk, denkt hierover heel anders. Van Beek werd in het voorjaar van 2015 door het NOS Achtuurjournaal geconfronteerd met het seksueel misbruik van minderjarige jongens en jongvolwassen mannen door de Thaise meditatieleraar Mettavihari (1944-2007). Een deel van dit misbruik had in de jaren 70 en 80 plaats in de Buddharama tempel.

Van Beek organiseerde hierop meteen een bijeenkomst voor de slachtoffers in de Buddharama tempel, opdat zij als lotgenoten hun ervaringen met elkaar konden delen. Naar aanleiding van alle publiciteit over Mettavihari zocht vervolgens Jules Mulder, voorzitter van de Stichting Expertisebureau Online Kindermisbruik (Stichting EOKM), contact met de Buddharama tempel. Hij bood Van Beek hulp aan bij de preventie van seksueel misbruik en de omgang met boeddhisten met pedofiele gevoelens.

Toine van Beek: ‘Ons contact bracht me op het idee dat Mulders organisatie een goede partner zou zijn om een onafhankelijk meldpunt voor misbruik binnen de boeddhistische gemeenschap op te zetten. We hebben daarover meerdere malen overlegd met Mulders medewerkers, en met vertegenwoordigers van onder meer de zedenrecherche en Slachtofferhulp Nederland. De Buddharama tempel leverde een startsubsidie van 5.700 euro voor het opzetten van een website en telefonisch meldpunt. Nadat we dit plan hadden uitgewerkt, zocht directeur Arda Gerkens (Eerste kamerlid SP) van de stichting contact met de BUN.’

‘Niets positiefs’

Gerkens hoopte zo het draagvlak voor Meldpunt BG te verbreden: ‘Michael Ritman stelde zich erg afwijzend op en werkte meer tegen dan mee. Onder druk van Gerkens—de BUN is immers het aanspreekpunt van de Nederlandse overheid—heeft Ritman uiteindelijk 1.000 euro toegezegd. Ook beloofde hij de leden te vragen onder hun achterban ruchtbaarheid aan het meldpunt te geven. Daarvan is weinig terecht gekomen’:

Behalve het geld, heeft de BUN in dit hele proces niets positiefs bijgedragen. Wel probeerde Michael Ritman telkens weer te pronken met andermans veren. Dat doet hij nu nog.

Van Beek heeft begrip voor het besluit het Meldpunt BG op te heffen, omdat dit werk nu eenmaal niet tot de kernactiviteiten van de Stichting EOKM behoort: ‘Ze hebben het goed gedaan. Wel ben ik bang voor de rol die de BUN gaat spelen nu er geen onafhankelijk meldpunt meer bestaat. De kans is groot dat de unie het seksueel misbruik door boeddhistische plegers zal blijven wegmoffelen, met medeweten van een vertrouwenspersoon die financieel afhankelijk is.’

Van Beek noemt het gedrag van vertrouwenspersoon Chiene Hulst ‘onprofessioneel’ en ‘ongepast’: ‘Niet alleen de privacy van slachtoffers en melders moet onder alle omstandigheden zijn gewaarborgd, ook de privacy van plegers. Hulst is helemaal niet onafhankelijk en deskundig genoeg om slachtoffers van misbruik op een verantwoorde manier op te vangen of te begeleiden. Uit de hulp en bemiddeling die Hulst slachtoffers biedt, kan alleen maar voortkomen dat de BUN nooit in een kwaad daglicht mag worden gesteld, zodat het seksueel misbruik steeds opnieuw onder het matje zal worden geveegd. Ik blijf daarom streven naar een onafhankelijke instelling die met financiële steun van de overheid opvang biedt aan misbruikslachtoffers binnen (pseudo-)boeddhisme en andere (pseudo-)religies, (pseudo-)zorg en de sportwereld, bijvoorbeeld.’

In een reactie op dit artikel ontkent Chiene Hulst de weergave van haar gesprek door Oane Bijlsma niet, maar wijst de gemaakte verwijten zonder onderbouwing af. Ze volstaat met: ‘Van betrokkene zelf heb ik niets vernomen. Ook is door betrokkene niet geklaagd over mijn optreden bij mijn beroepsorganisatie LVVV, waar tijdens klachtbehandeling hoor en wederhoor wordt toegepast.’ Hulst zegt verder niet op de inhoud van dit artikel te kunnen ingaan, ‘juist vanwege mijn geheimhoudingsplicht als vertrouwenspersoon.’

About the author

Rob Hogendoorn

Rob Hogendoorn

Rob Hogendoorn (1964) is onderzoeksjournalist en wetenschapper. Hij richt zich onder meer op de receptie van boeddhisme, boeddhisme en wetenschap, en onderzoek naar meditatie.